Zorgvuldig samengesteld, met bronvermelding – deze verzameling is automatisch bijeengebracht, met samenvattingen en labels van een taalmodel (LLM), en verwijst voor elk object naar de bron. Zo werkt het
← terug naar de collectie

Uit historisch, cartografisch en eerder archeologisch onderzoek was bekend…

Uit historisch, cartografisch en eerder archeologisch onderzoek was bekend dat hier resten uit de 17de -19de eeuw moesten liggen. De eerste bronnen dateren uit 1649 en spreken van een ‘papenhuis’. Deze datum ligt historisch gezien voor de hand, omdat het na de Opstand en de Vrede van Munster (1648) verboden was openlijk het katholieke geloof te belijden. De ‘papen’ moesten dus hun heil elders zoeken en kerkten in onopvallende gebouwen in de stad of op het platteland. Tijdens de opgraving werd een groot vlak aangelegd. Hierbij kwam een brede, hoekige kavelsloot tevoorschijn, die gedeeltelijk is onderzocht. Deze brede, ondiepe sloot liep om het complex van de schuilkerk en de vermoedelijke bijgebouwen heen. Van de schuilkerk zelf zijn 32 poeren gevonden. Deze poeren waren gevlijd op houten slieten neergelegd en gemaakt van diverse formaten secundair gebruikte baksteen. Gezien de lineaire groepering konden deze worden geïnterpreteerd als de ondersteuning van de vloerbalken van de kerk, die vermoedelijk helemaal van hout was. Het gebouw had een afmeting van 16 x 14 m. De ingang en het later ergens anders hergebruikte kerkorgel zaten aan de westzijde van het gebouw, het altaar vermoedelijk aan de oostzijde. In de sloot om het terrein heen is een flinke hoeveelheid afval gevonden. Het gaat vooral om keramiek uit de periode 1650-1725, maar ook enkele bij weggooien al antieke stukken zijn aanwezig. Sommige objecten, zoals een wijwaterbakje, een wandtegel met de kruisigingscène en een bord met het opschrift ‘Eert Got’ zijn in verband te brengen met het kerkterrein. Rondom het gebouw werden metalen voorwerpjes gevonden, waaronder een crucifix en een hanger met Maria op de maansikkel. De kwaliteit van de tabakspijpen was opvallend hoog. De welstand van de pastoor en zijn personeel blijkt verder uit een krantenartikel van 11-10-1776, waar bij een overval op de kerk en de geroofde buit, bestaande uit goud- en zilverwerk, kandelaars, linnen en geld wordt gerapporteerd. Buiten de kerk moeten nog meer gebouwen hebben gestaan. Deze zijn alle onder de graszoden bewaard gebleven. In 1801 mochten de katholieken weer terugkeren naar de Sint Victorkerk in Obdam. Later is het gebouw in verval geraakt of gesloopt

Afbeelding niet beschikbaar bij de bron – het object zelf blijft hier vindbaar.

Uit historisch, cartografisch en eerder archeologisch onderzoek was bekend… (2015).

Dit beeld komt uit de collectie van The province of North Holland.

Verankerd op Obdam – mentions Obdam + region. Het onderschrift is automatisch opgesteld uit de metadata van de bron en is nog niet door een mens gecontroleerd.

Meer zoals dit