Zorgvuldig samengesteld, met bronvermelding – deze verzameling is automatisch bijeengebracht, met samenvattingen en labels van een taalmodel (LLM), en verwijst voor elk object naar de bron. Zo werkt het
← terug naar de krantenberichten

Waterschap van de Berkel gaat in beroep bij de Kroon

De verplaatsing van het Waterschap van de Berkel Gecombineerd co.lege gaat in beroep bij de Kroon

1951KB Delpher - Zutphens dagblad voor de Graafschap en Veluwezoomrelevantie: middenbetrouwbaarheid: midden

Krantenpagina: De verplaatsing van het Waterschap van de Berkel Gecombineerd co.lege gaat in beroep bij de Kroon

Waterschap van de Berkel gaat in beroep bij de Kroon (1951).

Dit document komt uit de collectie van KB Delpher - Zutphens dagblad voor de Graafschap en Veluwezoom.

Het Waterschap van de Berkel heeft besloten in beroep te gaan bij de Kroon tegen de weigering van de Gelderse Staten om goedkeuring te geven voor de aankoop van een waterschapsgebouw in Borculo (villa "Mijn Rust") en een geldlening van 40.000 gulden daarvoor. Het college betoogt in zijn bezwaarschrift dat Borculo centraler gelegen is dan het huidige Lochem en beter bereikbaar voor alle ingelanden, vooral na de geplande uitbreiding van het waterschap met gebied uit Warnsveld. Verder stelt het college dat de verhuizing van het personeel geleidelijk kan plaatsvinden en dat toezicht op waterleidingen beter vanuit Borculo kan worden uitgeoefend.

Het artikel (machine-gelezen tekst, kan leesfouten bevatten)

Hel gecombineerd college van het Waterschap van de Berkel heeft in zijn vergadering van Woensdagmiddag besloten in beroep te gaan bij de Kroon tegen het besluit van Ged. Staten van Gelderland, waarbij goedkeuring is onthouden aan de besluiten van het gecombineerd college tot aankoop vaneen waterschapsgebouw te Borculo (de villa „Mijn Rust”) en tot het aangaan vaneen geldlening voor de aankoop, groot f 40.000. De waarnemend watergraaf, de heer Lutke Willink, die wegens het verblijf van de watergraaf, mr. J. P. Drost in Amerika de vergadering presideerde, zeide dat ineen tussentijdse geheime vergadering met algemene stemmen, uitgezonderd die van de heer Haytink, was besloten verzet aan te tekenen. Het dagelijks bestuur legde nu een concept-bezwaarschrift ter vaststelling over, waarin o.a. het volgende werd gezegd: Blijkens hun besluit zijn Ged. Staten er mede van overtuigd, ,dat het huidige Waterschapsgebouw te Lochem niet meer voldoet aan de eisen die aan een dergelijk gebouw moeten worden gesteld. Het college acht het argument tot zetelverplaatsing niet geldig, enerzijds omdat de tegenwoordige verkeersmiddelen van die aard zijn, dat het waterschapsgebouw heel goed in Lochem gevestigd kan zijn, anderzijds omdat belangrijke werken van het waterschap in uitvoering zullen komen, die gemakkelijker van Lochem dan van Borculo uit zijn te bereiken. Laatste argument niet overtuigend. Het laatste argument acht het gecombineerd college niet overtuigend. Ged. Staten doelen kennelijk op de werken inde omgeving van Zutphen in het kader van de dichting van de Baakse Overlaat. Inde toekomst zullen in andere delen van het Waterschap eveneens grote werken moeten worden uitgevoerd, met name een verbetering van de Sllnge Op deze werken kan gemakkelijker van Borculo, dan van Lochem uit toezicht worden gehouden. De uitvoering van deze werken zijn overigens van tydeiyke aard, zodat zulks geen invloed kan hebben op de bepaling van de plaats, waar de zetel van het Waterschap gevestigd moet zijn. Na uitbreiding met Wamsveld Borculo nog centraal gelegen. Ged. Staten zetten aan dit argument meer kracht bij met er op te wijzen dat plannen in voorbereiding zijn om het Waterschap uitte breiden met thans nóg ongereglementeerd gebied inde gemeente Warnsveld en omgeving, welke plannen door het, thans niet-goedgekeurde, besluit van het Waterschapsbestuur zouden worden doorkruist. Het gecombineerd college is evenwel van oordeel, dat ook na de toevoeging van dit gebied Borculo meer centraal gelegen is en daardoor voor alle ingelanden gemakkelijker bereikbaar. Ged. Staten wijzen er op, dat de ophetftng der vier Waterschapsafdelingen voor de geërfden weinig of geen bezwaar zal opleveren tegen blijvende vestiging vón de kantoren van het Waterschap te Lochem, omdat deze door het instellen van wooukringen voor de verkiezing van bestuursleden, ieder in eigen kring, meer in het bijzonder op de hoogte komen met plaatselijke omstandigheden betreffende de Waterstaat en met de daaromtrent bij geërfden levende wensen en bij hen bestaande bezwaren. Dit argument is voor het gecombineerd college niet overtuigend, daar de hoofdgeërfden niet met de dagelijkse gang van zaken bekend zijn, zoals de leden van het dagelijks bestuur en de technische dienst en niet meer in staat zijn, om, zoals vroeger, toen zij nog lid van het afdelingsbestuur waren, onmiddellijk handelend op te treden. Daarom is een gemakkelijk bereikbaar Waterschapsgebouw in het centraal gelegen Borculo zeer gewenst. Dit is thans te bereiken nu te Borculo het pand „Mijn Rust” verkrijgbaar is, dat voldoet aan alle eisen, welke aan een Waterschapsgebouw gesteld moeten worden. Overplaatsing personeel. Ged. Staten voeren naast meer, niet »et name genoemde bezwaren aan, dat de woonplaatsverandering van het thans te Lochem wonende personeel moeilijkheden met zich zal brengen. Het gecombineerd college is evenwel van oordeel, dat deze moeilijkheden overwonnen kunnen worden, mede doordat de verplaatsing van Het personeel naar Borculo eerst behoeft te geschieden, nadat het gebouw te Borculo beschikbaar komt. Dit zal eerst geschieden nadat voor de huidige bewoner en zijn gezin inde gemeente Borculo andere woonruimte is vrijgemaakt, zodat, rekening houdende met de aan het gebouw alsdan nog uitte voeren werkzaamheden, de verplaatsing eerst na ongeveer twee jaren zal geschieden, waardoor de verhuizing van het personeel geleidelijk zal kunnen gebeuren. Het college is van meening, dat na de opheffing der afdelingen het toezicht op het werk inde secundaire waterleidingen, hetwelk vroeger door de afdelingsbesturen werd gehouden, beter tot zijn recht zal komen vanuit het meer centraal gelegen Borculo. De heer Nijenhuis (Lindvelde) was van mening dat nog op enkele punten de nadruk moest worden gelegd. Hij stelde voor de zinsnede in te voegen dat Ged. Staten over het hoofd zien waar het zwaartepunt van het Waterschap ligt. Met name zou dan geattendeerd moeten worden op het feit dat de meeste dijkdoorbraken boven Borculo zijn voorgekomen en op de omstandigheid dat Borculo meer In het centrum ligt ten opzichte van het invoerende water door de Bolsbeek en de Slinge. Decentrale ligging van Borculo wilde de heer Nijenhuis sterker doen uitkomen door het noemen van cijfers. In 1935 waren aangeslagen 26.136 ha. De belastbare opbrengst rond Lochem was f 386.856, van de dne afdelingen rond Borculo plm. f 970.547. In 1951 waren aangeslagen 26.411 ha. De belastbare opbrengst rond Lochem was toen ongeveer f 389.716; van de drie afdelingen rond Borculo f 1.738.075. Rond Lochem is de belastbare opbrengst dus 28 pet. De waarnemend watergraaf was wel genegen het eerste voorstel van de heer Nijenhuis over te nemen: het noemen van cijfers achtte hy evenwel overbodig. Het ware beter, aldus spreker alleen te stellen dat de belastbare opbrengst rond Lochem 28 pet. is. Aldus aangevuld werd het bezwaarschrift vastgesteld. Rondvraag. De heer Nyenhuis Informeerde naar de stand van zaken ten aanzien van de duiker by Saaltink. Hem werd medegedeeld dat er reeds aan gewerkt wordt. Gezorgd zal worden dat het werk van de winter in orde is. Op verzoek van de heer Nyenhuis zal de opzichter worden geattendeerd op het te kort aan de oever planten van bomen. De heer Planten kwam met een klacht van de heer Ten Berge te Rekken over de slechte afwatering van diens grond op de Vennekensgoot, dicht by de Overijsselse grens. Ook dit zal de opzichter bekijken. Op een vraag van de heer Goossens (Winterswyk) werd geantwoord dat klachten gemakshalve beter doorgegeven kunnen worden naar Lochem. De heren mr. Staring en Smalbraak waren afwezig. WISCH Ondertrouwd: J. Th. Tuenter en M. van de Beek. Gehuwd: H. Rougoor en D. M. Westerveld; B. ten Broeke en G B. Huls; G L. Liebrand en G. J G. Terhorst; E. C. Héttlnga en W. B. J. Polman; J W. Overbeek en J. G. Lammers; G. J. van Dyk en M. J. G. ten Hagen. Geboren: d van . G. Klein—Van der Meer (Heelweg); z. van P. H Witjes—Sent (Terborg); d. van J. A. Pelgrim—Kaalberg (Silvolde); z. van M. W. Schreur—Verhey (Silvolde). Overleden: G. J. Heinen, weduwe van N W. G. Arentsen, 77 jaar; J. A. Kreunen, echtgenote van H. J. Nierkens, 54 jaar (Doetinchem). Discussie. Over dit concept werd weinig gediscussieerd.

Lees het hele bericht bij Delpher (KB) →

Bron
KB Delpher - Zutphens dagblad voor de Graafschap en Veluwezoom
Betrouwbaarheid
midden
Jaar
1951
Rechten
Publiek domeinwat mag ik hiermee?
Origineel
bekijk bij Delpher ↗

Verankerd op Borculo – regional paper + region term (graafschap, berkel). De tekst komt uit het krantenarchief van Delpher (KB) en is automatisch voor deze plaats geselecteerd; nog niet door een mens gecontroleerd.