Zorgvuldig samengesteld, met bronvermelding – deze verzameling is automatisch bijeengebracht, met samenvattingen en labels van een taalmodel (LLM), en verwijst voor elk object naar de bron. Zo werkt het
← terug naar de collectie

Krommenie Zuiderhoofdstraat Voormalig gemeentehuis

Krommenie Zuiderhoofdstraat Voormalig gemeentehuis, later hulp-secretarie gemeente Zaanstad, ernaast: gedeelte Nederlands Hervormde Kerk met herdenkings plaquette. "Volk gebogen onder de druk der bezetting", luidt de tekst bij dit monument. Voor de meeste mensen betekende de bezetting helemaal niet: verzet, sabotage, gevaarlijke opdrachten. Het overgrote deel van de bevolking probeerde de oorlog door te komen zo goed en zo kwaad als het ging. Naarmate de bezetting voortduurde vooral "zo kwaad". Wie geen Jood was of niet in het verzet zat, liep geen direct gevaar. Het laatste oorlogsjaar gingen het gebrek en de honger het dagelijkse leven bepalen. Van alles was tekort: kleding, brandstof, en vooral voedsel. In de hongerwinter was er bijna niets te eten. Elke Nederlander kreeg bonnen voor 400 gram brood en een halve kilo aardappelen per week. Dat was alles. Per week! Veel mensen maakten lange "hongertochten" naar het platteland, lopend of op een fiets met houten banden. Bij de boer was nog wel wat te halen. Vaak alleen maar suikerbieten en tulpebollen

Krommenie Zuiderhoofdstraat Voormalig gemeentehuis, later hulp-secretarie gemeente Zaanstad, ernaast: gedeelte Nederlands Hervormde Kerk met herdenkings plaquette. "Volk
          gebogen onder de druk der bezetting", luidt de tekst bij dit monument. Voor de meeste mensen betekende de bezetting helemaal niet: verzet, sabotage, gevaarlijke opdrachten. Het overgrote
          deel van de bevolking probeerde de oorlog door te komen zo goed en zo kwaad als het ging. Naarmate de bezetting voortduurde vooral "zo kwaad". Wie geen Jood was of niet in het verzet zat,
          liep geen direct gevaar. Het laatste oorlogsjaar gingen het gebrek en de honger het dagelijkse leven bepalen. Van alles was tekort: kleding, brandstof, en vooral voedsel. In de hongerwinter
          was er bijna niets te eten. Elke Nederlander kreeg bonnen voor 400 gram brood en een halve kilo aardappelen per week. Dat was alles. Per week! Veel mensen maakten lange "hongertochten" naar
          het platteland, lopend of op een fiets met houten banden. Bij de boer was nog wel wat te halen. Vaak alleen maar suikerbieten en tulpebollen.

Krommenie Zuiderhoofdstraat Voormalig gemeentehuis.

Dit beeld komt uit de collectie van Municipal Archives of Zaanstad.

Let op – lage betrouwbaarheid. Toegelaten op een zwakke aanwijzing (bijvoorbeeld alleen een tekstvermelding); de plaats is niet onafhankelijk geverifieerd. (grond: names Bonnen in passing (no competing place))
Bron
Municipal Archives of Zaanstad
Betrouwbaarheid
laag
Analyse
✦ Geanalyseerd met een taalmodel (LLM) – samenvatting en labels uit de brontekst, nog niet door een mens gecontroleerd
Rechten
In auteursrechtlicentie ↗wat mag ik hiermee?
Origineel
bekijk bij de bron ↗

Verankerd op Bonnen – names Bonnen in passing (no competing place). Het onderschrift is automatisch opgesteld uit de metadata van de bron en is nog niet door een mens gecontroleerd.